(40) AI acceptatie
Mar 13, 2026
Het MT start vol enthousiasme. “AI kan ons enorm helpen,” zegt Siem terwijl hij zijn tablet draait zodat iedereen kan meekijken. “Sneller antwoorden, conceptbrieven genereren, dossiers analyseren. Efficiënter. Minder werkdruk.”
Er wordt driftig geknikt en woorden als veiligheid, privacy en databeheer vliegen over tafel. Technisch, beheersbaar, oplosbaar en vooral grijpbaar.
Nova luistert.
“Het gaat niet om óf,” zegt Rob. “Het gaat om hóe.”
Guus vult aan: “We moeten hier niet achterblijven dat kan echt niet.”
Nova schuift haar pen langzaam heen en weer. Ze denkt aan de week zonder e-mail. Aan Henk. Aan Julia. Aan Marieke die haar hand minder opstak.
“Mag ik iets toevoegen?” zegt ze.
Er valt een korte stilte.
“Ik hoor veel over snelheid en efficiëntie,” begint Nova.
“En dat begrijp ik, maar ik mis iets.”
“Wat mis je dan Nova?” vraagt Marianne.
“Nou, de mens.”
Ze ziet een paar wenkbrauwen omhooggaan.
“We hebben e-mail en social media omarmd, alles om sneller te communiceren. Maar praten we echt meer met elkaar? Of vooral sneller?”
“We hebben e-mail en social media omarmd, alles om sneller te communiceren. Maar praten we echt meer met elkaar? Of vooral sneller?”
Siem leunt achterover.
“Dit is toch geen pleidooi tegen technologie?”
“Zeker niet,” zegt Nova rustig.
“Maar het is wel een pleidooi vóór verbinding.”
Ze kijkt de kring rond.
“Steeds meer mensen delen hun twijfels, angsten en vragen met een AI in plaats van met een collega of een vriend. Omdat het veilig voelt, omdat het niet oordeelt. Maar wat zegt dat over hoe veilig wij als mensen voor elkaar zijn?”
Het blijft stil.
“Als gemeente hebben we een voorbeeldfunctie. Niet alleen in beveiliging of efficiëntie, maar in menselijkheid."
“Als gemeente hebben we een voorbeeldfunctie,” vervolgt Nova.
“Niet alleen in beveiliging of efficiëntie, maar in menselijkheid. In hoe we inwoners benaderen. Als iemand vastloopt in schulden, of een uitkering aanvraagt, of een vergunning nodig heeft, is sneller altijd beter? Of is begrepen worden belangrijker?”
Rob wrijft over zijn kin.
“We willen werken vanuit de bedoeling.”
“Precies,” zegt Nova.
“En wat is de bedoeling? Dat iemand zich geholpen voelt. Zich gezien en serieus genomen voelt.”

Ze denkt aan de verkeersmetafoor van weken geleden.
“AI kan een hulpmiddel zijn. Een omleiding misschien, maar het mag nooit de weg zelf worden.”
Guus knikt langzaam.
“Dus jij zegt: inzetten waar het ondersteunt, niet waar het vervangt.”
“Ja,” zegt Nova.
“Laten we het gebruiken om ruimte te creëren voor menselijk contact. Niet om dat contact verder uit te dunnen.”
In het vervolg van de vergadering wordt niet meer over snelheid gesproken, niet over achterblijven, maar over de bedoeling.
Later loopt Nova naar buiten. Peter en Super wacht haar op bij de ingang.
“Mens,” bromt Super in haar hoofd, “jullie praten al tegen schermen sinds ze bestaan.”
Nova lacht.
“Misschien,” zegt ze zacht, “is het tijd dat we weer wat vaker tegen elkaar praten.”
Super kwispelt.
“Zolang jij mij maar aankijkt als je praat,” lijkt hij te denken.
Nova glimlacht, pakt Peter, die gewend is aan haar dialogen met Super, bij de arm en samen lopen ze richting het park.
LEES DOOR IN NOVA'S DAGBOEK: Peters progressie