(47) Hitte, hormonen en houvast

Mar 31, 2026

Ze puft en zucht bij het koffieapparaat. “Het zal wel weer werkdruk zijn,” zegt Ingrid half grappend. Nova kijkt haar aan. Ingrid is altijd scherp, gestructureerd en energiek. Maar de laatste weken is ze kortaf, vergeet ze afspraken en sneller geïrriteerd. “Alles goed?” “Ja hoor,” zegt Ingrid automatisch. “Gewoon druk, je kent het.”

 

Later loopt Ingrid de kamer van Nova binnen en begint aarzelend een gesprek.

Nova voelt Ingrid haar onrust en staat op om de deur dicht te doen.

“Zo, dat is wat rustiger praten” zegt Nova kalm tegen een dralende Ingrid.

“Ga even lekker zitten joh”.

 

“Weet je, het is niet alleen werk,” mompelt Ingrid uiteindelijk.

“Ik slaap slecht. Ik zweet me kapot in vergaderingen. Soms kan ik me niet concentreren en dan word ik boos, vooral op mezelf.”

 

“Ik slaap slecht. Ik zweet me kapot in vergaderingen. Soms kan ik me niet concentreren en dan word ik boos, vooral op mezelf.”

 

“Wat denk jij dat er aan de hand is?”

Nova haar vraag is oprecht.

Ingrid lacht ongemakkelijk.

“Pre-overgang, denk ik. Maar daar ga je toch niet mee naar je leidinggevende?”

Nova schudt haar hoofd.

“Waarom eigenlijk niet?”

Ingrid kijkt haar verbaasd aan.

“Omdat ik niet zielig wil zijn. Of zwak.”

 

 

Nova herkent het mechanisme. Net als bij Henk. Bij Kamran. We doen alsof het goed gaat. Tot het niet meer gaat.

“Dit is geen zwakte,” zegt Nova rustig.

“Dit is een levensfase of dacht je dat je als eerste vrouw in de wereld dit meemaakt?”

Ingrid proest het uit van het lachen.

“Nee, zo speciaal denk ik niet dat ik ben,” om met een zucht door te gaan met: “maar ik wil gewoon functioneren.”

“Misschien,” zegt Nova, “hoef je niet altijd op honderd procent te staan om waardevol te zijn.”

 

“Misschien hoef je niet altijd op honderd procent te staan om waardevol te zijn.”

 

Ze praten over praktische dingen. Flexibelere vergadertijden, kortere blokken. Openheid in het team. Niet groots maar wel gewoon met persoonlijke ruimte.

“Denk je dat mensen dat begrijpen?”

De nervositeit druipt van Ingrid haar vraag af.

Nova glimlacht.

“Dat hangt ervan af of jij het benoemt alsof het iets bijzonders is, of alsof het de normaalste zaak van de wereld is.”

 

De week erna zegt Ingrid in het teamoverleg: “Ik zit in de pre-overgang. Dat beïnvloedt soms mijn energie en mijn humeur, ik wil dat jullie het weten.”

Het is even stil.

Henk grapt luchtig “Oh, dus het wordt nog erger” en zelfs Ingrid lacht mee.

Maar dan zegt Marianne serieus: “fijn dat je dat zegt, dan snappen wij wat er eventueel gaande is.”

Er volgt geen drama of medelijden, maar simpelweg begrip.

 

Na afloop loopt Ingrid naast Nova.

“Dat viel mee,” zegt ze opgelucht.

“Maskers kosten energie,” antwoordt Nova.

“En die energie heb je nu voor iets anders.”

 

In haar hoofd bromt Super. “Mens, wij honden verharen gewoon. Jullie maken er een taboe van.”

Nova lacht hardop.

Duurzame inzetbaarheid, denkt ze, gaat niet over cursussen en systemen. Het gaat over het leven zelf. Over fases en veranderingen die niemand in een beleidsstuk zet.

 

Ingrid loopt de gang door, iets rechter dan de weken ervoor.

’s Avonds schrijft Nova in haar dagboek: Misschien is houvast niet dat alles stabiel blijft, maar dat je mag bewegen als het verandert.

 

--

Wil je meer weten of heb je een vraag?

Neem contact op